Vertrouwen 3.0

In heel veel artikelen over Leiderschap, Nieuw Organiseren, Slow Management, Rijnlands denken etc. is de basis ‘vertrouwen’. Vertrouwen in plaats van wantrouwen. Samenwerken in plaats van concurreren. Met vertrouwen als uitgangspunt. Maar wat is vertrouwen eigenlijk? Ik heb er al eerder een blogje over geschreven waarin ik stelde dat ik mensen vertrouw voor specifieke zaken, maar dezelfde mensen niet vertrouw als het om andere zaken gaat. Dat heeft te maken met ervaring, met resultaat behaald in het verleden. Met het schenden van vertrouwen.

Maar wat is dan dat vertrouwen? Is dat meetbaar, is het te lokaliseren, kan ik aangegeven wáárom ik iemand een bepaalde taak wel toevertrouw en een andere niet? Vertrouwen lijkt wat dat betreft veel op ‘kwaliteit’: we weten allemaal wanneer het er is, maar niemand kan aangeven waarom. Let wel: ik heb het over echte kwaliteit, niet over de kwantitatieve vorm ervan die tegenwoordig meestal gebruikt wordt. Dat is kwantiteit.

Nu lees ik net een artikel over Bo Tarenskeen, toneelschrijver, regisseur en filosoof. Zijn nieuwste voorstelling heet ‘Ons vertrouwen is nergens op gebaseerd’ wat in ieder geval als titel goed overeenkomt met mijn gedachten daarover.  Bo probeert in zijn voorstelling duidelijk te maken dat vertrouwen niet ‘iets’ is, maar juist het ontbreken van iets: niets. Niets doen, het laten, dat is vertrouwen. En dat is opvallend gelijk aan de principes van ‘wu-wei’: het zijn beloop laten, het niet ingrijpen, niet handelen. En wu-wei is de basis voor het ervaren van kwaliteit. Vertrouwen, de afwezigheid van iets, zowel als wu-wei, het niet ingrijpen, niet handelen, zijn beide gevolg van het ervaren van kwaliteit. Als iets kwaliteit heeft hoeven we niet in te grijpen en vertrouwen we het.

Ik denk dat Bo gelijk heeft: vertrouwen is loslaten. Het niet ingrijpen, niet handelen, het zijn beloop laten gaan. We vertrouwen de piloot als we in het vliegtuig zitten en dat doen we door vooral ons niet te bemoeien met het vliegen. We vertrouwen de buschauffeur en treinmachinist op dezelfde wijze. De principes van wu-wei: actief niet-handelen.

Omgekeerd kan je dus stellen dat in al die zaken waar we ons wél mee bemoeien, vertrouwen ontbreekt. We bemoeien ons met de politiek, met de leiding van de organisatie waar we werken, met de wijze waarop onze kinderen onderwezen worden, met de medicijnen die onze dokter voorschrijft, met de ingrediënten van ons voedsel, met het financieel systeem. Eigenlijk met alles wat om ons heen gebeurt. Veel meer dan vroeger. En dus moet je concluderen dat we maar in vrij weinig instellingen vertrouwen hebben en dat dit steeds minder wordt.

De vraag is hoe dat komt. Volgens mij komt dit doordat onze maatschappij gebaseerd is op angst. Angst verkoopt, en dus worden we op alle mogelijke manieren ‘bang’ gemaakt: door het nieuws, door de regering, door de commercie. En hoe banger wij gemaakt worden, hoe minder zelfvertrouwen we krijgen. En dat is, volgens mij, de basis voor vertrouwen: je kan pas vertrouwen hebben in iets, als je begint met jezelf te vertrouwen. En dat lukt niet als je geleid wordt door angst. Let eens op hoe vaak mensen de uitdrukking ‘ik ben bang dat…’ gebruiken. Let eens op bij het lezen van het nieuws, het bekijken van het journaal hoevaak er items zijn die gaan over onze veiligheid, over onze gezondheid. Alleen al de simpele mededeling dat er zoveel mensen zijn overleden aan een bepaalde ziekte heeft geen ander doel dan ons bang te maken voor die ziekte. Je moet sterk zijn om je daar niet door te laten beïnvloeden en je eigen, op je zelfvertrouwen gebaseerde, weg te blijven gaan.

Het wordt tijd dat we gaan omdenken en gaan loslaten. Te beginnen met zelfvertrouwen op te bouwen en gaan inzien dat we ons niet moeten laten leiden door hetgeen door de media, de commercie en de politiek over ons uitgestrooid wordt. En gaan geloven in onszelf. Dan neemt vanzelf de behoefte af om ons ergens mee te bemoeien, dan kan er weer sprake van vertrouwen zijn. En pas dan, als we het vertrouwen weer teruggevonden hebben kunnen we echt gaan samenwerken met anderen, op basis van vertrouwen. En kunnen wij de ander in zijn waarde laten omdat we niet meer willen ingrijpen. Dan kunnen we echt werken aan Organisatie 3.0, aan Slow-Management, aan de Sharing Economy. Ik zou willen dat het al zover was.

Advertisements

Leadership goes beyond formalities.

Great blog about leadership, agenda’s, formalitites and skip all that doesn’t matter.

Thefutureleadershipinitiative

A few weeks ago, I was preparing a customer meeting with a colleague. The goal of the meeting was to present our leadership programs. I didn’t feel the need to prepare a lot. I like to go into meetings without presentations, leaflets or other formal material. For me it’s about connecting personally. I ask open questions and explore the context up to the point that I can connect my own story to it. The formal stuff can wait.

My colleague reasoned vice versa: the client asked information, so she wanted to provide information and prepared a slide deck. I’m no sales specialist or customer relationship expert, so I went a long with her and inserted my own slides. We went into the meeting and it wasn’t very comfortable. I got frustrated because we got stuck in the content of things, and my colleague wasn’t comfortable either because she felt I wanted…

View original post 406 more words

Utopia, Dystopia, and the Future of Work

Talent Vanguard

I think a lot about the future.  And although I’m not that old, I’ve already learned that the future, when one gets there, differs from the idea of the future in ways that are unexpected and impossible to predict. I think it’s this ‘certain uncertainty’ that drives us to continually envision possible futures. But these visions, fed by our past experiences and current outlook, often tell us more about our present selves than they do about where we’ll actually end up.

I’ve been reading a lot of superb, thought-provoking visions of the future of work and Human Resources from others recently, and grappling with what they might mean for us as employees, managers and HR professionals. The difference between many of these possible realities is vast, but this shouldn’t surprise us- humanity’s visions of the future are often shaped by the contrasting themes of utopia and dystopia.

View original post 840 more words

Informele werklocaties in Flevoland | Het kantoor van de toekomst.

Het klopt me wat ik zie en hoor. Nu nog initiatieven om dit mogelijk te maken.

peterkrol

Gelezen in het rapport ‘Economie en Arbeidsmarkt 2011-2012 Flevoland’
Een bericht van de Provincie Flevoland. ‘Flevoland behoort tot de koplopers in Nederland als het gaat om Het Nieuwe Werken. De economie en arbeidsmarkt evolueren in een snel tempo naar een kennis- en netwerkeconomie. Het Nieuwe Werken is in opkomst.‘

In het rapport is de verklaring opgenomen dat dit komt omdat in de productiestructuur van Flevoland veel dienstverlenende sectoren zijn vertegenwoordigd. De activiteiten in deze sectoren zijn vaker footloose dan in andere branches.

De hoge uitgaande pendel (ca. 84.000 pendelaars in Flevoland) naar Amsterdam en Utrecht heeft hier ook een sterke invloed op. Uit onderzoek blijkt dat inwoners uit Flevoland een gemiddeld langere reisafstand en reisduur hebben. Met de congestie op de A6/A1 en A27 helpt dit mee om het thuiswerken populair te maken.

Het hoge aandeel ZZP’ers zorgt voor een verhoging van het aandeel thuiswerkers. Flevoland telt veel eenmansbedrijven. Volgens…

View original post 647 more words

Leidinggevenden zouden eens wat vaker hun mond moeten houden!

Innoverend leiderschap

In onze dagelijkse communicatie voelen we ons snel ongemakkelijk als er stiltes vallen. Denk maar eens aan een date. Of aan een  gesprek met een kennis over een vervelende persoonlijke gebeurtenis.  Mensen voelen zich snel opgelaten als ze niets meer weten te zeggen. Een stilte die valt op een verjaardag? De gastheer/gastvrouw kijkt vertwijfeld in het rond of hun gasten het soms niet gezellig vinden. Kortom, stilte wordt vaak geassocieerd met ongemakkelijke situaties.

Regelmatig woon ik als coach of als HR-adviseur een gesprek bij van leidinggevenden met een team of individuele medewerker. Zonder stereotyperingen te willen gebruiken gaat het vaak om of beginnende, nog wat onzekere leidinggevenden òf om ervaren leidinggevenden die heel goed weten wat ze willen; de snelle denkers, de goede sprekers met humor die soms wat ongeduldig lijken te zijn. Beiden bereiken met hun medewerkers niet altijd wat zij zouden willen.

Wat ik na…

View original post 636 more words

Geweldige bedrijven

Voorbij uitblinken in middelmatigheid

“In geweldige bedrijven werken mensen die gewoon gemiddeld goed zijn.
Het verschil is: de mensen werken er met ziel en zaligheid.
Ze nemen eigenaarschap voor hun werk.”

 Dit is een uitspraak van Niels Willems. En ik kan het niet meer met hem eens zijn.

In veel organisaties is er sprake van goedgeorganiseerde middelmatigheid. De doorbraak van goed naar geweldig wordt vaak gezocht in talentmanagement en High Potential programma’s. Daar ligt de oplossing niet. Het is de context die de organisatie gemiddeld maakt.

Het verschilt zit in of mensen eigenaarschap nemen voor hun werk. Dan werken ze met ziel en zaligheid. Onze ervaring is: de eenvoudigste manier om ervoor te zorgen dat mensen eigenaarschap nemen, is als ze het eigendom hebben. Stel je voor dat werknemers het bedrijf overnemen. Dat de organisatiestructuur zo wordt aangepast dat mensen echt afrekenbare verantwoordelijkheid gaan dragen. Dan ontstaan er geweldige bedrijven die nog jaren…

View original post 4 more words

Netwerken: te eng om aan te beginnen…

Ik heb een hekel aan netwerken. Ik vind het leuk om met mensen die ik ken over zeer veel uiteenlopende onderwerpen te filosoferen of samen dingen te bedenken, creatief te zijn. oplossingen te zoeken en bezig te zijn. Maar: met mensen die ik ken. Ik zou nooit een drukke bijeenkomst binnenstappen waarin allemaal groepen mensen met elkaar aan het praten zijn, en me dan in zo’n groep mengen. Ik ben daar veel te introvert voor.

Probleem is dus dat ik alleen mensen leer kennen, als ik netwerk. Zou ik dat niet doen, zou ik maar weinig mensen kennen om deze leuke dingen mee te doen. Maar netwerken moet in je aard zit. Extroverte mensen zullen er beduidend minder moeite mee hebben dan van nature zeer introverte mensen zoals ik.

Maar ja, op een gegeven moment moét je netwerken. Niet omdat je baas het zegt, niet omdat het vanuit je functie nodig is, maar bijvoorbeeld omdat je een eigen onderneming bent gestart en netwerken het enige middel is om je onderneming bekend te maken.
Nu kan netwerken op verschillende manieren. Tegenwoordig is het gebruik van Social Media, zoals Twitter, LinkedIn, Facebook en Google+ een prima methode om in ieder geval je eigen ideeën, gedachten te ventileren en in contact te komen met mensen die dezelfde gedachten hebben. Het werkt. Ik kan dat uit ervaring zeggen.

Op voorwaarde dat je iets zinvols te brengen hebt, dat het toegevoegde waarde heeft, neemt je naamsbekendheid toe. En als je het erg goed doet, zal er een moment zijn waarop de toch redelijk anonieme social media contacten een keer fysiek contact willen maken. Dan heb je een gesprek, leer je de anderen kennen, en kan je die leuke dingen samen doen met mensen die je kent. Zolang je maar niet iets wilt ‘verkopen’. Als mensen ergens een hekel aan hebben zijn dat mensen die direct hun product of dienst willen verkopen. Dat geldt trouwens ook voor het gebruik van Social Media: je mag best een keer wijzen op een product of dienst die je levert, maar als je het niet beperkt houdt zal de interesse van anderen snel overgaan in desinteresse en niet langer volgen.

Social Media is dus een goede start om te beginnen met netwerken. Je krijgt er vertrouwen door, je leert er de juiste gespreksonderwerpen en de juiste toonzetting. Na een tijdje zo actief te zijn op Social Media kan je dan de stap nemen om met het werkelijke netwerken te beginnen.
Zelf ben ik gestart met de ‘BitterBallenBorrel’ bijeenkomsten. Dit zijn door het hele land regelmatig georganiseerde bijeenkomsten voor de regionale ondernemers om elkaar te leren kennen, bij te praten en mogelijk afspraken te maken.

De eerste keer kende ik vrijwel niemand, en moet je dus gesprekken aanknopen, bij een groep gaan staan en luisteren, of een andere verdwaalde loslopende bezoeker aanspreken. Afhankelijk van je gesprekspartner levert dit soms vervelende, soms handige en soms leuke gesprekken en kennismakingen op. Het gaat vanzelf, maar ook hier weer geldt: probeer niet iets te verkopen.

Bij de 2de of 3de keer zal je zien dat het aanknopen van gesprekken makkelijker gaat én omdat je handjes schudt van mensen die je al kent, anderen ineens naar jou toekomen om een gesprek aan te knopen. Wees er dan op voorbereid dat je kort kan vertellen wie je bent en wat je doet, want dat is altijd het eerste punt van kennismaken.

Naast dit soort bijeenkomsten, die verder weinig echte waarde toevoegen aan je netwerk maar je wel in staat stellen je sociale vaardigheden zo bij te werken dat je op echte zinvolle netwerkbijeenkomsten niet het muurbloempje zal zijn, kan je ook gewoon je stem laten horen in bedrijfsvereningen, ondernemersbijeenkomsten, lokale beroepsvereningen, lokale intiatieven etc. Ventileer daar waar mogelijk je standpunten en gedachten, ga de discussie aan en verdedig je stellingnames. Daardoor val je op bij de aanwezigen en, belangrijker, bij de organisatoren van de bijeenkomst. En daar zitten meestal mensen op een functie die wél van toegevoegde waarde voor je netwerk zullen zijn. Hou de agenda in de gaten. Zoek naar bijeenkomsten die aansluiten bij wat je wilt, en ga daar naar toe. Volg aankondigingen op de social media en maak een keuze.

Het is mij opgevallen dat er maar weinig mensen zijn die het woord durven en willen nemen tijdens goede bijeenkomsten. Of het nu een Management Boek Event is, een BNR Debat, een Gemeentelijke voorlichtingsdag, Workshops noem maar op, 98% van de aanwezigen is aanwezig en luistert en slechts 2% durft de discussie aan te gaan, durft meningen te uiten en zal daardoor, zelfs al is het maar kort, even de aandacht op zich vestigen.
Vroeg of laat zal zich dat uitbetalen: omdat men zich jou herinnert. En dan merk je dat goed netwerken je ook energie geeft: je overkomt je eigen introverte karakter wat best moeite en energie kost, maar wat het oplevert maakt het dan meer dan goed. En dat motiveert je in hoge mate om steeds meer te gaan netwerken. En daardoor wordt je er steeds beter in.

Je zal het niet geloven, maar meer dan de helft van de ‘netwerkers’ heeft eigenlijk angst om te netwerken en voelt zich er niet happy bij. Gebruik dat in je voordeel. Als jij ook maar iets minder angst hebt en daardoor iets meer zelfvertrouwen, zal je succesvol zijn in netwerken. En leer je de ‘putjes’ en ‘motortjes’ (om maar even in de woorden van Niels Roemen te blijven) te herkennen. Ik wordt er steeds beter in 🙂